Onderzoek van het bureau

Onderzoek van het bureau

Het Bureau onderzoekt de mate van gevaar op de a- en de b-grond en (in voorkomende gevallen) de ernst van de feiten die zijn gepleegd ter verkrijging van de beschikking (zoals valsheid in geschrifte). Daarbij wordt niet alleen de aanvrager onderzocht, maar wordt op grond van de Wet Bibob ook zijn zakelijke omgeving (bijvoorbeeld de financiers) gescreend.

Onderzoeksbronnen

Het Bureau heeft toegang tot diverse bronnen. Bijvoorbeeld politieregisters, de Belastingdienst, het Kadaster, het Justitieel Documentatiesysteem, de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), de Arbeidsinspectie, de Financial Intelligence Unit (FIU), de uitkeringsinstantie UWV, de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst/Economische Controledienst (FIOD/ECD), sociale uitkeringsinstanties en de RDW.

Onderzoekstermijn

Het Bureau heeft acht weken de tijd om het onderzoek af te ronden en het advies te verstrekken. Deze termijn kan worden verlengd met maximaal vier weken. De wettelijke termijn waarbinnen het bestuursorgaan de beschikking dient te geven, wordt opgeschort voor de maximale duur van het onderzoek. Na maximaal twaalf weken eindigt derhalve de opschorting, ook als het advies nog niet is afgerond.